/ home / publicaties / boeken / Kantje moord / de aanzet voor 'kantje moord'

De aanzet voor 'kantje moord':

De Kanten Sluier van Mevrouw Fallières

Toen honderden jaren geleden de koningin van frankrijk, Joanna van Navarra, hare blijde intrede deed te Brugge, was zij verstomd over de prachtige kleederdracht de vlaamsche vrouwen, en riep zij vol verbazing uit: “Ik meende hier alleen koningin te zijn en ik zie hier wel honderden koninginnen rondom mij!”

Het is alsof Mevrouw Fallières hetzelfde heeft gedacht, toen zij verleden jaar met haren gemaal, de President der Fransche Republiek, in het paleis en op het stadhuis te Brussel werd ontvangen. Zij bewonderde vooral de Belgische kanten welke H. M. de Koningin en de Belgische dames droegen. En, er moet over die heerlijke vlaamsche kanten tooisels, welke de zoogenaamde “Mode van Parijs” helemaal in de schaduw stelden, heel veel en lang zijn gesproken - en waarover spreken de dames, zelfs aan een koningshof, ook anders dan over mode? Want zie, nauwelijks waren de Fransche bezoekers uit Brussel vertrokken, of daar werd het gerucht verspreid dat onze geëerbiedigde koningin een sluier in vlaamschen kant wilde doen vervaardigen, welke zij aan Mevrouw Fallières ten geschenke geven zou.


Te Brussel bestaat eene dames-inrichting welke tot doel heeft de kantnijverheid in België herop te beuren en dat kunstwerk in zijnen ouden luister te herstellen. Deze dames hebben eene school opgericht, “Les Arts de la Femme”, en het was tot dit gesticht dat H. M. Koningin Elisabeth zich wendde om een waarlijk kostelijk geschenk te doen vervaardigen.

Een prijskamp werd uitgeschreven voor deze teekening en eene aanzienlijke premie uitgeloofd voor de leerlinge-teekenaarster die het schoonste en beste ontwerp zou leveren. H. M. de Koningin deed zelve uitspraak als jury en koos eene teekening in modernen stijl, daarbij bepalende dat daaraan volstrekt niets mocht gewijzigd worden.

Nu gold het de vraag: waar zal men dien kanten sluier doen vervaardigen? En het versje indachtig: “De Turnhoutse kant is de schoonste van 't land.” wendde men zich tot de zoo gunstig gekende firma Verwaest en Zuster en werd de koninklijke bestelling gedaan aan dezen achtbaren nijveraar.

Het middengedeelte van de teekening bestond hoofdzakelijk uit rechte lijnen, samengestrengeld met rozen en rozenknopjes. Het was echter geen gewone kantteekening, die in ijsgrond of zoogenaamden Mechelsen kant kon worden uitgewerkt, en de ervaren nijveraar was verplicht dezelve grootendeels om te werken en te verbeteren. Er wordt beweerd dat, indien M. Verwaest zelf eene teekening had mogen leveren, welke zich beter eigende voor de kantbewerking, men iets veel schooner, veel prachtiger voor den dag zou hebben gebracht.

De boord rondom den kanten sluier, welke zoo heerlijk uitkomt, en getuigt van de kunst, welke op gebied van kantwerk kan worden tentoongespreid en door M. Verwaest volgens eigen keuze werd geleverd, bewijst de waarheid van bovenstaande gezegde.

Maar zien wij nu ook onze werksters eens aan den slag. De doorsteek of perkamenten patronen voor de kantkussens werden gemaakt voor de gewone perkamentsteekster: vrouw Seelen-Neefs. Vier werksters hielden zich bezig met het vervaardigen van den kant: Cato Bizaert, Liza Cornelissen, Philomena Van Riemen en Zuster Van Mechelen, begijntje. In het begin van Augustus werden de patronen op het kussen gezet en op 20 Maart ll. had de laatste werkster hare taak volbracht.

Voor het vervaardigen van den kant werden zoowat 3.500 klossen of bouten en garen van nummer 300 gebezigd. De vier panden van den kanten sluier werden aaneengebracht zonder dat men daarin een naad vinden kan en 't geheel is een meesterstuk onzer nijverheid, waarop Turnhout en heel België fier mag wezen. M. Verwaest heeft voor de werksters, die den koninklijken sluier vervaardigden, de nijverheidsdecoratie aangevraagd. En toen de nijveraar het kanten kunstwerk in de Syndikale Kamer te Brussel aan vakmannen en kunstkenners vertoonde, werd hem gevraagd of hij het eerelint van Ridder der Leopoldsorde zou willen aanvaarden. M. Verwaest schijnt die hooge onderscheiding heel nederig te hebben afgewezen, alhoewel dat ridderschap niet alleen hem, maar heel de nijverheid van Turnhout zou vereeren. Voorlaatste Zondag was de kanten sluier, bestemd voor Mevr. Fallières, op het stadhuis te Turnhout tentoongesteld, en honderden ingezetenen kwamen het kunststuk bewonderen en de nijveraar en zijne kloeke werksters werden door den achtbaren eersten Magistraat, Mr. Victor Van Hal, dien iedereen gelukkig was volkomen hersteld terug te zien, en door een groot deel van het publiek, hartelijk geluk gewenscht.

Joseph Splichal

Gepubliceerd op 6 april 1912

De kantwerksters die de sluier vervaardigden

Van links naar rechts: Cato Bissaert, Zuster Van Mechelen, Elisa Cornelissen, Philomena Van Riemen.